Werf van de VOC

nr. image Op 14 mei 1690 brandde een schip op de werf van de Verenigde Oost-Indische Compagnie gedeeltelijk af. Jan van der Heijden maakte er deze prent van, die hij opnam in zijn Brandspuitenboek.

Industrieterrein

De werf van de Verenigde Oost-Indische Compagnie lag sinds 1661 op het eiland Oostenburg. Het was het grootste industrieterrein ter wereld: 3 grote scheepshellingen, een 500 meter lange lijnbaan, een enorme houtzagerij en het 4 verdiepingen hoge Oost-Indisch Zeemagazijn, met daarachter nog werkplaatsen en loodsen.

Oost-Indisch Zeemagazijn

Het Oost-Indische Zeemagazijn is op de prent op de achtergrond te zien. In het gigantische gebouw lagen de goederen opgeslagen die de VOC uit Azië haalde. Beneden was een slachthuis. Op de zolder was onder andere de zeilmakerij.
Na de opheffing van de VOC in 1799 werd het Oost-Indisch Zeemagazijn een opslagplaats voor graan. Het zwaar verwaarloosde bouwwerk stortte in 1822 in.

Jan van der Heijden

Kunstenaar Jan van der Heyden was ook uitvinder. Hij vond bijvoorbeeld een nieuw model straatlantaarn uit. De grootste bekendheid kreeg Van der Heijden met de uitvinding van een nieuw soort brandspuit, die onafgebroken water kon geven en het blussen van branden veel makkelijker maakte. Als brandmeester paste Van der Heijden de spuit jarenlang in de praktijk toe.

Brandspuitenboek

Deze prent komt uit het ‘Brandspuitenboek’ dat Jan van der Heijden in 1690 publiceerd, voluit Beschryving der nieuwlijks uitgevonden en geoctrojeerde slangbrand-spuiten en haare wijze van brand-blussen geheten. Daarin geeft hij een gedetailleerde beschrijving van de nieuwe brandslang. Daarnaast schrijft hij over grote branden in Amsterdam, en hoe die – zonder maar vooral mét de nieuwe brandspuit – geblust zijn. Bij veel van die branden maakte hij illustraties, zoals deze prent.

Uitgebrand schip op de werf van de VOC, prent door Jan van der Heijden, 1690

© Stadsarchief
Disclaimer / Colofon
<