Joodse begraafplaats

nr. 010002090003 In 1714 kocht het bestuur van de Hoogduitse joodse gemeente van Amsterdam een stuk grond in Zeeburg, bij de Schellingwouderbrug, voor de aanleg van een nieuwe begraafplaats. Dit gebied hoorde toen nog bij Diemen. In 1896 werd de grond aan Amsterdam verkocht. De begraafplaats is tot 1942 in gebruik gebleven.

Muiderberg en Ouderkerk

De Hoogduitse gemeente had al een begraafplaats in Muiderberg. Die zou echter snel vol raken. Bovendien was die begraafplaats ver weg. De Portugees-Israëlische gemeente had een eigen begraafplaats in Ouderkerk aan de Amstel.

Ontruimd

Joodse graven worden nooit geruimd omdat de doden in hun graf de jongste dag afwachten. Alleen onder rabbinaal toezicht kunnen doden worden herbegraven. Dat gebeurde toen in 1956 de Flevoweg werd aangelegd en het oudste deel van begraafplaats naar de nieuwe joodse begraafplaats in Diemen werd overgebracht. Het overplaatsen nam twee jaar in beslag.

Joodse begrafenis

Joden worden altijd begraven en niet gecremeerd, want wat God geschapen heeft mag niet vernietigd worden. Zo snel mogelijk na het overlijden vindt een sobere begrafenis plaats, waarbij gebeden gezegd worden. Op het graf wordt een steen geplaatst. De begraafplaatsen van de Hoogduitse joden zijn gewoonlijk te herkennen aan de rechtopstaande stenen. De Portugese joden daarentegen zijn gewend om hun graven met een liggende steen af te dekken.

Begraafregister van Zeeburg

Alle namen van de 34.762 mensen die op Zeeburg zijn begraven staan geschreven in het begraafregister van Zeeburg. De taal van het register is Hebreeuws/Jiddisch. Schrijver en microbioloog Jits van Straten heeft een index met transcriptie en ‘vertaling’ van het register gemaakt.

Fotoreeks

Fotograaf Theo Baart maakte in 1984 een reeks van 53 foto's van begraafplaatsen. De serie bevat landschappen, portretten van werknemers van begraafplaatsen, foto's van uitvaarten en van activiteiten op verschillende Amsterdamse kerkhoven.

Een grafsteen op de joodse begraafplaats in Zeeburg, foto door Theo Baart, 1984

© Stadsarchief
Disclaimer / Colofon
<