30352: Archief van de Amsterdamse Sportraad: aanvulling

Algemene kenmerken

Toegangsnummer:

30352

Periode:

1951 - 1996

Inleiding

Beschrijving van de Archiefvormer

Institutionele geschiedenis

Sport en de Gemeente Amsterdam

Eind negentiende en begin twintigste eeuw werden meer en meer sporten geïntroduceerd in Nederland. Daarvoor ontspande men zich met de traditionele, ongereglementeerde volksvermaken. De verschillende sporten kwam overwaaien uit Engeland, Duitsland en later ook de Verenigde Staten. Daarnaast werden een aantal Nederlandse volksvermaken omgevormd tot gereglementeerde sporten.

Korfbal is hierop een uitzondering, omdat deze sport werd uitgevonden door de Amsterdamse onderwijzer Nico Broekhuysen. Hij ontwikkelde korfbal in 1902 aan de hand van een Amerikaans balspel en een Zweeds balspel.

In de beginjaren van de sport speelde de Amsterdamse Bond voor Lichamelijke Opvoeding (ABLO), opgericht in 1902, een grote rol. De ABLO had tot doel om de lichamelijke opvoeding van de Amsterdammers te verbeteren. Binnen de ABLO namen de verschillende Amsterdamse Sportbonden zitting.

De ABLO werd gesubsidieerd door de Gemeente Amsterdam, omdat zij als taak had de gemeentelijke sportparken te verdelen en verhuren. Halverwege de jaren '30 werd deze taak echter door de gemeente in eigen hand genomen en hielden de subsidies ook op. De ABLO kreeg het mede daardoor steeds moeilijker en werd uiteindelijk gedwongen op veel kleinere schaal te opereren als voorheen. De ABLO bemoeide zich toen met het organiseren van buitenschoolse activiteiten voor de Amsterdamse jeugd.

Een van de hoogtepunten in zowel de Nederlandse, als de Amsterdamse sportgeschiedenis zijn de Olympische Spelen van 1928, die in Amsterdam werden gehouden. Daarvoor werd speciaal het Olympisch Stadion aan het Stadionplein gebouwd. Amsterdamse Sportraad (ASR)

In de jaren '50 worden in Amsterdam veel Commissies en Adviesraden opgericht. Zij hebben tot doel de overheid te controleren en/of te adviseren op verschillende maatschappelijke gebieden. Zo werd in 1952 de Amsterdamse Sportraad opgericht. Het doel van de Amsterdamse Sportraad was het gevraagd en ongevraagd adviseren van de Gemeente Amsterdam en later ook de stadsdelen op het gebied van de sport. Daarnaast moesten Burgemeester en Wethouders, de Sportraad om advies vragen over hun sportbeleid. De Amsterdamse Sportraad is een adviescommissie op grond van artikel 84 van de Gemeentewet.

Eind jaren '60 werd de Sportraad uitgebreid met een aantal commissies, die elk een tak van sport als aandachtsgebied toebedeeld kreeg. Zo waren er commissies voor: veldsporten, zaalsporten, watersporten, schoolsporten en recreatiesporten. Tevens was er een financiële commissie die adviseerde over subsidieaanvragen.

Medio jaren '80 werd er een etnische consulent in dienst genomen door de Sportraad, om meer kennis binnen te halen over allochtonen en discriminatie in de sportwereld. Ten bate daarvan werd de Commissie Sport en Allochtonen opgericht. Deze commissie hield zich vooral bezig met het adviseren ten behoeve van sportstimuleringsprojecten voor allochtonen en het adviseren ten behoeve van subsidies voor allochtone sportverenigingen en sportstimuleringsprojecten.

KAS - Kursuscentrale Amsterdam Sportief

Tevens werd in de jaren '80 de Kursuscentrale Amsterdam Sportief (KAS) opgericht. De KAS had tot doel sportkaderopleidingen aan te bieden aan de inwoners van de Gemeente Amsterdam. Samen met de Dienst voor de Sport en de secretarie-afdeling Sport en Recreatie, gaf de Amsterdamse Sportraad vorm aan de organisatie van de Kursuscentrale. Na de oprichting verzorgde het Buro van de Sportraad ook een tweetal cursussen, die de centrale aanbood. In 1991 werd de KAS overgenomen door de Samenwerken Zaalsportbonden (SaZaBo).

Structuur

De Amsterdamse Sportraad valt op te delen in een aantal organen.

De Plenaire Raad voerde (in overeenstemming met met de verordening) minimaal twee vergaderingen per jaar: een voorjaarsvergadering en een najaarsvergadering. In de voorjaarsvergadering waren de belangrijkste punten van vergadering:

- goedkeuring begroting/rekening;

- benoeming bestuursleden;

- goedkeuring jaarverslag;

- beleid.

De belangrijkste punten tijdens de najaarsvergadering, waren:

- beleid;

- planning.

De Plenaire Raad bestond uit een groot aantal vertegenwoordigers van Amsterdamse sportbonden en andere bij de sport betrokken, overkoepelende organisaties, en uit personen die op grond van persoonlijke deskundigheid waren benoemd. Leden van de Amsterdamse Sportraad werden door het Gemeentebestuur benoemd.

Het Bestuur werd door de Plenaire Raad uit hun midden gekozen. Het Bestuur was belast met het uitbrengen van adviezen. Daarnaast hield het bestuur zich bezig met het vaststellen en bijstellen van beleidslijnen, nemen van beleidsbeslissingen en reageren op ontvangen correspondentie. Minimaal eens in de twee weken werd er door hun vergaderd.

Het Dagelijks Bestuur bestond uit de voorzitter, de vice-voorzitter en een ambtelijke secretaris. Zij vergaderden zoveel mogelijk eenmaal per week op een vast tijdstip. Daarnaast legden ze communiqués vast en verzonden dezen naar alle bestuursleden, bij bezwaar van een bestuurslid, werd dit punt op de agenda van de eerstvolgende vergadering gezet. Tevens bemoeiden ze zich met kennisname van en inspraak bij de dagelijkse gang van zaken en de afhandeling van problematiek. Als laatste hadden ze een controlerende functie op het uitbrengen van adviezen en het naleven van de door het Bestuur of Raad vastgestelde beleidslijnen.

Het Buro dat de vergaderingen van het Bestuur en de Raad voorbereidde, door de agenda's met toelichting en advies naar de leden te verzenden. Het Buro stond onder leiding van de ambtelijke secretaris, die plaatsnam in het Dagelijks Bestuur. Het Buro hield zich bezig met het coördineren van activiteiten en evenementen. Daarnaast bood het Buro ondersteuning aan de commissies en studiegroepen. Onder het Buro vielen: Staf-, Secretariële en Administratieve medewerkers. De Stafmedewerkers bemoeiden zich met de (voor-)behandeling van advieszaken, bedenken van adviezen, het verrichten van algemeen voorbereidend beleidswerk en het organiseren van cursussen. Daarbij vergaderden de medewerkers met de secretarie tijdens Stafvergaderingen. Hierin werden ook alle ingekomen brieven, alle te voeren besprekingen en de inhoud van reeds gevoerde besprekingen, ter sprake gebracht.

Het Secretariaat coördineerde de werkzaamheden van het Buro. Ze had de leiding in de Stafvergaderingen en verzorgde de (algemene) externe contacten. Daarnaast ondersteunde het Secretariaat bijzondere activiteiten van sportbonden en werkzaamheden van Stafmedewerkers en zorgde het Secretariaat voor de samenstelling van het Jaarverslag en de Jaarrekening.

De Administratieve medewerkers hielden zich bezig met het inschrijven en verzenden van brieven, typewerk, telefonische informatieverstrekking en verenigingsregistratie. Ze signaleerde wanneer post nog niet was afgehandeld, ze voerden de boekhouding en gaven toegangskaarten uit. Tevens hadden ze de cursusadministratie onder hun hoede.

Naast de ondersteuning van het Buro, werd het Bestuur ondersteund door een Penningmeester en een Huismeester. De Penningmeester was aangesteld om de financiën en rekeningen van de Sportraad te beheren. De Huismeester ging over de Facilitaire zaken. Hij verrichtte kleine reparaties aan het gebouw en de inrichting, deed de verzorging van de vergaderingen van commissies en studiegroepen, en bediende de kantoorapparatuur.

Eind jaren zestig, begin jaren zeventig heeft de Amsterdamse Sportraad een zestal Commissies in het leven geroepen, om de raad in hun taken te ondersteunen. Dit waren:

- de Financiële Commissie;

- de Veldsporten Commissie;

- de Zaalsporten Commissie;

- de Watersporten Commissie;

- de Schoolsporten Commissie;

- de Recreatiesporten Commissie;

- de Commissie Sport en Allochtonen.

Elk van deze commissies hield zich bezig met het geven van adviezen binnen hun gebied van sport. Daarnaast hielden de meeste zich ook bezig met het verhuren van sportaccommodaties.

De Commissies waren onder te verdelen in vaste commissies en ad-hoc commissies. De eerste functioneerde ongeveer hetzelfde als het Bestuur en Dagelijks Bestuur, maar op kleinere schaal. Zo werd er door het Bestuur een secretaris aangewezen voor de commissie, die besluitpunten vastlegde, welke na de vergadering werden verstuurd naar de Bestuursleden. Daarnaast werden soms ad-hoc commissies of studiegroepen ingesteld en ontbonden. Dit was afhankelijk van de probleemstelling en de betrokken Sportraadsleden speelden hierbij een belangrijke rol. De beslissing voor het instellen van ad-hoc commissies en/of studiegroepen werd door het Bestuur genomen, na advies van de Staf te hebben ingewonnen.

KAS - Kursuscentrale Amsterdam Sportief

Binnen de Kursuscentrale Amsterdam Sportief was de Sportraad verantwoordelijk voor het organiseren van de Algemene Basis Opleidingen (ABO) en de Bestuurskadercursussen. De organisatie, uitvoering en administratie werd afgehandeld door het Buro van de Sportraad.

Relaties

De Sportraad had contacten met diverse instellingen. Zoals al beschreven leverde zij gevraagd en ongevraagd advies aan het bestuur van de Gemeente Amsterdam en de stadsdelen. Er was een goed contact tussen de KNVB en de Sportraad, elk jaar kreeg de Sportraad een letter van banket en stuurde ze een bedankbrief terug. De Sportraad participeerde in de beheerscommissies van sportaccommodaties.

Beschrijving van het Archief

Geschiedenis van het archief

Het archief van de Amsterdamse Sportraad begint in 1951, tijdens de voorbereidingen van de oprichting. De Sportraad was gevestigd in een gebouw aan de Willemsparkweg 125, hier is het grootste gedeelte van het archief gevormd. Het werd volgens een numeriek stelsel opgeborgen, allereerst onder het deel van de organisatie waar het behoorde te berusten en daarna verdeeld op werkproces waaruit het voortkwam.

Dit archief is een aanvulling op het archief van de Sportraad dat in 1978 is overgebracht en dat loopt over de periode 1952-1978 (toegangsnummer 766). Dat archief bestaat voornamelijk uit correspondentie.

Deze aanvulling loopt over de periode 1951-1996. Hoewel de oudste stukken uit de jaren '50 stammen, zijn er niet veel stukken bewaard gebleven uit de eerste 20 bestaansjaren van de Sportraad. Dit heeft mogelijk te maken met de vele verhuizingen van de Sportraad, waarbij waarschijnlijk is "opgeruimd". Ook over de jaren 1995 en 1996 ontbreken veel stukken.

In 1996 vond er een grote structurele wijziging plaats in de organisatie van de Amsterdamse Sportraad. De vernieuwde Amsterdamse Sportraad kwam te vallen onder de tevens nieuwe Dienst Welzijn Amsterdam (DWA), gehuisvest in het Metropoolgebouw aan de Weesperstraat 101. In de Receptiekelder van DWA, later Dienst Maatschappelijke Ontwikkeling (DMO), stond het archief van de Amsterdamse Sportraad te wachten tot het bewerkt en overgebracht zou worden.

Doordat het Buro van de Amsterdamse Sportraad verantwoordelijk was voor de organisatie, uitvoering en administratie van twee cursussen van de Kursuscentrale Amsterdam Sportief, is dit bij het archief van de Sportraad terechtgekomen. Dit archief loopt van 1977 tot en met 1991.

Inhoud en structuur

De Sportraad hanteerde een eigen code waarmee zij de documenten ordende. Deze code werd door de Sportraad niet nauwkeurig nageleefd, omdat zij vaak documenten in een verkeerde rubriek archiveerde. Ook kwamen er soms rubrieken dubbel voor of waren sommige rubrieken niet genoeg of juist te gedetailleerd. Om deze redenen is afgeweken van de oude code en een nieuwe ordening bedacht. De volgorde van een aantal documenten is aangepast en alle bestanddelen zijn omgenummerd.

Selectie en vernietiging

De archiefbescheiden zijn beoordeeld op basis van de "Lijst van voor vernietiging in aanmerking komende stukken in gemeente-archieven", geplaatst in de Nederlandse Staatscourant van 20 december 1983. De omvang van het te bewaren archief betreft 7 strekkende meter.

Bronnen

- 'de Amsterdamse Sportraad: INFORMATIE' Algemene informatiefolder opgemaakt door de Amsterdamse Sportraad (Amsterdam, 1993); inventarisnummer 41

- 'De Amsterdamse Sportraad' Algemene informatiefolder opgemaakt door de Amsterdamse Sportraad (Amsterdam, 28 maart 1977); inventarisnummer 10

- Mol, P.J. (1998). Geschiedenis van de sport in Amsterdam 1918 - 1940. Amsterdam: Sportservice Amsterdam/Afdeling Sport en Recreatie van de Dienst Welzijn Amsterdam.

- Stukken betreffende de oprichting en taakuitvoering van de Kursuscentrale Amsterdam Sportief (1977 - 1991); inventarisnummer 275

Archiefvormer

Amsterdamse Sportraad
© Stadsarchief
Disclaimer / Colofon
<

Gegevens over mogelijk nog levende personen mogen alleen worden gebruikt voor historisch (waaronder genealogisch), wetenschappelijk of statistisch onderzoek.

Door het aanklikken van onderstaande button verklaart u zich te houden aan het Reglement voor raadpleging en gebruik van het Stadsarchief.