Handleiding Woningkaarten 1924-1989

Op dit moment ontbreken in de index gegevens van de kaarten van woonboten, woonwagens en andere 'bijzondere adressen'.

Naar welke bronnen verwijst de index?

De index verwijst naar de volgende bronnen uit het archief van het Bevolkingsregister Amsterdam:
  • 5445 Woningkaarten 1924-1953
  • 30461 Woningkaarten 1954-1989

Wat zijn woningkaarten?

Woningkaarten zijn kaarten met gegevens over de bewoners van een woning die in ladekasten waren geordend: alfabetisch op straatnaam en vervolgens op huisnummer. De woningkaarten zijn een onderdeel van de bevolkingsadministratie van de Gemeente Amsterdam.

Vanaf 1 januari 1850 is in alle gemeenten in Nederland op gelijke wijze de bevolking geadministreerd conform een daartoe genomen Koninklijk Besluit van 22 december 1849. Iedereen in Nederland staat sinds die tijd geregistreerd bij de gemeente met: naam, geboortedatum, woonadres, plaats in het gezinsverband en eventueel beroep, godsdienst, verhuizingen of overlijdensdatum.

Oorspronkelijk werd deze administratie bijgehouden in registers met een beschrijving per woning van alle gezinnen en overige bewoners. Uitgangspunt van de ordening waren de buurten van de stad en daarbinnen de straatnamen en nummers van de woningen. Vanaf 1891 ging de administratie over op een losbladig systeem, alfabetisch geordend op naam van het gezinshoofd. Kennelijk was de ingang per woning op de bevolkingsgegevens toch onmisbaar, want in 1897 werd die opnieuw aangelegd in de vorm van de Woningboeken (archief 5417).

De woningboeken is een serie registers alfabetisch op straatnaam met voor iedere woning een bladzijde. Per woning werd inschreven de naam van het gezinshoofd, hoeveel mannen/vrouwen er woonden, waar het gezin vandaan kwam en waar het naar toe verhuisde bij vertrek. Bij verhuizing werden de gegevens doorgestreept en die van de nieuwe bewoners werden er onder geschreven. De serie loopt van 1897 tot 1922.

Probleem van een vastbladig systeem is dat na verloop van tijd de bladzijden vol raakten. Toen bovendien in 1921 Amsterdam door annexatie van een aantal omliggende gemeenten sterk uitbreidde, besloot men de woningboeken te vervangen door een losbladig systeem: de woningkaarten. De woningkaarten zijn in gebruik gebleven tot de invoering van het eerste geautomatiseerde systeem voor bevolkingsregistratie (GBS) in 1989.

Wanneer waren de woningkaarten in gebruik?

De woningkaarten zijn gebruikt van 1922 tot 1989. Er zijn twee series:
  1. de eerste serie kaarten loopt van 1922 tot 1953
  2. de tweede serie kaarten loopt van 1953 tot 1989.
Bij de start van de tweede serie kaarten in 1953 zijn de meest recente gegevens overgenomen van de kaarten uit de eerste serie. Zo kan de eerste vermelding op een kaart uit de tweede serie dus zijn het gezin dat bijvoorbeeld al in 1948 in de woning is komen wonen. De kaarten uit de twee series zijn niet gelijk van vormgeving.

Welke gegevens vind ik op een woningkaart?

Op de voorzijde van de kaart (dat is de bovenste helft van de scan) staan de adresgegevens van het pand en de familiegegevens van de hoofdbewoners. Op de achterzijde van de kaart staan de gegevens van inwonenden. Bij verhuizing van de bewoners werden de datum van de verhuizing en het nieuwe adres geregistreerd. Aan de onderkant van de kaart is ruimte voor aantekeningen. Linksonder staat op de voorzijde kan zijn aangetekend dat er een vervolgkaart is gemaakt; rechtsonder op de voorzijde staat het nummer van het stemdistrict waarbij het pand was ingedeeld.

De adresgegevens aan de bovenzijde van de kaart bestaan uit:
  • het huisnummer met eventuele toevoegingen
  • de buurtletter(s)
  • de naam van de straat
  • bij kaarten uit de periode 1953-1989 staat rechts een cijfer dat overeenkomt met de ponscode boven de adresgegevens
De familiegegevens van de hoofdbewoners en inwonenden bestaan uit:
  • startdatum van de bewoning
  • familienaam, voornaam en/of voorletters van de hoofdbewoner
  • geboortejaar van de hoofdbewoner
  • geslacht van de hoofdbewoner
  • aantal mannen en vrouwen in het gezin van de hoofdbewoner
  • datum en nieuw adres bij verhuizing

Gaat het alleen om woningen of ook om panden waar bedrijven of instellingen gevestigd waren?

Er zijn ook kaarten van bedrijfspanden en kaarten van bijvoorbeeld verpleegtehuizen, kazernes, pensions en dergelijke. En ook bij deze panden zijn de namen van eventuele hoofdbewoners en / of inwonenden geregistreerd.

Gaat het alleen om woningen in huizen of ook om woonboten en woonwagens?

Er zijn ook kaarten van woonboten en woonwagens. Omdat de registratie van adressen van deze woonboten en wagens niet altijd even consequent is uitgevoerd kan het lastig zijn deze kaarten te vinden.

Waarvoor dienden de kaarten met alleen een straatnaam?

Dat zijn tabkaarten of verwijskaarten. Vooraan de serie kaarten van een straat stond een tabkaart met informatie over bijvoorbeeld de ligging van de straat en het Raadsbesluit waarbij de straat zijn naam had gekregen. Omdat de kaarten gealfabetiseerd waren op de eerste letter van de straatnaam plaatste met verwijskaarten bij samengestelde straatnamen. Dus de kaarten van de Lizzy Ansinghstraat stonden onder de L en bij de letter A. stond een verwijskaart met de informatie: ‘Ansinghstraat – zie Lizzy Ansinghstraat.’

Wat is de betekenis van de cijfers aan boven- en onderkant van de voorzijde van sommige kaarten?

Op de kaarten uit de periode 1953-1989 staat langs de bovenrand een rij cijfers. Daarin is een cijfercode in geponsd die rechts op de kaart staat gedrukt. Vooralsnog is de betekenis van de code ons onbekend. Door de ponsgaatjes kon je gemakkelijk een foutief in het systeem teruggeplaatste kaart ontdekken. Maar of ze daar ook voor zijn gemaakt? De cijfers onder op de kaart zijn jaartallen. Aangegeven staat wanneer de kaart is gestart.

Wat betekenen de cijfers in de kolommen vóór de namen?

In principe staat in de kolom voor de naam van de hoofdbewoner een volgnummer. Op de achterzijde van de kaart staat vóór de namen van de inwonenden een nummer dat correspondeert met het volgnummer van de hoofdbewoner bij wie er werd ingewoond. Er kunnen dus meerdere inwoners, al dan niet tegelijkertijd, zijn bij één hoofdbewoner.

Deze systematiek is echter lang niet altijd volledig en consequent volgehouden. Met name de registratie van de bewoning tijdens en na de Tweede Wereldoorlog is vaak onregelmatig.

Wat zijn buurtletters?

Bij de invoering van het bevolkingsregister in 1850 werd de stad ingedeeld in een aantal buurten. Er waren 50 buurten die werden aangeduid met een letter: A-Z of dubbele letters: AA-ZZ. In 1909 werd een nieuwe indeling vastgesteld met 115 buurten en na de annexaties van 1921 telde de stad 169 buurten. Gedurende de periode van de woningkaarten is de wijkindeling nog een aantal malen aangepast, waarbij het aantal buurten groeide.

Wat gebeurde er als een kaart vol was?

Linksonder op de kaart werd aan gegeven dat er een nieuwe kaart was aangemaakt en de registraties werden op een nieuwe kaart voortgezet.

Waarom zijn er kaarten met een afgeknipte hoek?

Van kaarten die niet meer actueel waren, bijvoorbeeld omdat het pand was gesloopt, werd de hoek afgeknipt. De kaarten werden uit het systeem gelicht en gevoegd bij de zogenaamde ‘afgedane collectie’.

Kan ik zoeken op straatnamen zoals die nu in Amsterdam in gebruik zijn?

Alleen als de straatnaam exact overeenkomt met de naam van de straat in 1953 kunt u daar op zoeken. Is de straatnaam gewijzigd dan niet. De Vrijheidslaan bijvoorbeeld heette in 1953 Stalinlaan. U vindt de kaarten van deze straat alleen als u zoekt op Stalinlaan.

Houd bij het zoeken ook rekening met spellingsvarianten. Voor het zoeken op de meest bekende spellingsvarianten, zoals Heerengracht en Herengracht, Leidschestraat en Leidsestraat of Eerste Jacob van Campenstraat en 1e Jacob van Campenstraat is een voorziening getroffen in het zoeksysteem, maar er blijven altijd incenteel voorkomende spellingsvarianten over. Zoek daarom altijd met wildcards of met de optie 'ongeveer' aangevinkt wanneer u een straat niet kunt vinden waarvan u denkt te weten dat die er in 1953 al was.

Zijn alle kaarten openbaar?

Nee, op een aantal kaarten is een beperking van de openbaarheid van kracht. Het gaat om instellingskaarten van bijvoorbeeld medische of justitiële instellingen. Ook zijn kaarten niet openbaar als één van de bewoners in het verleden bij de archiefvormer te kennen heeft gegeven dat men de adresgegevens geheim wil houden. Ten slotte heeft, voor de vervaardiging van deze index, een ieder een verzoek kunnen indienen tot afscherming van een kaart indien zijn of haar naam staat vermeld op de betreffende kaart. Een overzicht van de afgeschermde kaarten vindt u hier PDF (20,77 Kb).

Als u een reden hebt om niet openbare kaarten toch te willen raadplegen kunt u vragen om een incidentele opheffing van de beperking op de openbaarheid. Volg daartoe de procedure Inzage niet openbaar archief

Verder lezen

Laatst bijgewerkt op 23 juni 2017
ZoekVoorbeeldHandleiding
© Stadsarchief
Disclaimer / Colofon
<