Handleiding Huiszittenhuizen 1808-1870

Naar welke bronnen verwijst de index?

In de index zijn de inventarisnummers 865-870 opgenomen uit archief 349

Wat zijn de Huiszittenhuizen?

De Huiszittenhuizen zijn de huizen van waaruit de bedeling aan 'huiszittende armen' plaatsvond. Dat zijn arme mensen die niet in een gasthuis of tehuis waren gehuisvest, maar nog in hun eigen huis woonden. Deze vorm van armenzorg is ontstaan uit de armenzorg van de kerk en kwam in de 17de eeuw onder de hoede van het stadsbestuur. Er was zowel aan de Oude als aan de Nieuwe Zijde een Huiszittenhuis. In 1808 zijn de beide instellingen samengevoegd onder het bewind van de Regenten van de Huiszittende Stadsarmen. Een aanpassing van de Armenwet in 1870 betekende het einde van de Huiszittenhuizen en hun regenten. Bij raadsbesluit van 9 november 1870 werd de bedeling vanuit de Huiszittenhuizen opgeheven.

Welke gegevens zijn te vinden in de index?

In de index zijn de volgende gegevens opgenomen:
  • naam ingeschrevene
  • naam partner

Welke gegevens zijn te vinden in de bron?

Van de archieven van de Huiszittenhuizen uit de periode voor 1808 is veel verloren gegaan. Bewaard zijn voornamelijk stukken die de boekhouding en het vermogensbeheer betreffen, maar vrijwel geen stukken met gegevens over de 'huiszittende armen' zelf. In het archief uit de periode 1808 -1870 zijn ook stukken bewaard die informatie bevatten over de bedeling en andere vormen van armenzorg. Uit dit deel van het archief zijn de inschrijfboeken van bedeelden (toegangsnr. 349, inv.nrs. 865-870) gescand en er is een index gemaakt op de namen van de ingeschrevenen en hun partners.

De inschrijfboeken van bedeelden zijn de registers waarin de namen en andere relevante gegevens werden bijgehouden van de Amsterdammers die door de regenten ondersteund werden. Alle afgesloten registers van voor de fusie van 1808 zijn verloren gegaan. Vanaf 1808 is echter een complete serie bewaard gebleven. In dat jaar koos men er voor de registratie voort te zetten in twee reeds bestaande inschrijfboeken van de regenten van het Nieuwezijds Huiszittenhuis. Deze inschrijfboeken waren samengesteld in 1803. Daardoor bevat de oudste serie gegevens van armen aan de Oude Zijde vanaf 1808, maar voor de Nieuwe Zijde al vanaf 1803.

In de inschrijfboeken zijn in alfabetische volgorde de namen genoteerd van alle ingeschreven bedeelden. Ook werden leeftijd, het woonadres en de namen van een eventuele partner en van kinderen genoteerd. Vervolgens werd winter en zomer aangetekend of er bedeling had plaatsgevonden. Kinderen die overleden werden doorgestreept en verviel de hele inschrijving dan werd dat toegelicht met een korte aantekening. Een voorbeeld daarvan: "zij overleden 1810. De man de kinderen verlaten, die zijn in het Aalmoezeniersweeshuis".

In totaal zijn er 6 inschrijfboeken met inschrijvingen verdeeld over 3 perioden. Per periode zijn in het eerste boek de namen die beginnen met A tot K te vinden en in het tweede boek de namen L tot Z.

Inventarisnummer:

  • 865: A — K 1803-1823
  • 866: L — Z 1803-1823
  • 867: A — K 1824-1850
  • 868: L — Z 1824-1850
  • 869: A — K 1851-1870
  • 870: L — Z 1851-1870

Hoe ziet een inschrijving eruit?

De bladzijde is ingedeeld in 5 kolommen:
  1. het nummer van de inschrijving. In deze kolom kan, met name bij "oude inschrijvingen" een verwijzing staan naar de vorige bladzijde en het nummer van inschrijving in het voorgaande boek. Dit zijn dus de mensen die in 1803 (Nieuwe Zijde) of 1808 (Oude Zijde) als eerste in het nieuwe register werden overgeschreven. Bij een deel van deze groep zie je voor kolom 4 ook het jaar van eerste bedeling aangegeven.
  2. gegevens over de ingeschrevene en zijn/haar partner. Het betreft in eerste instantie naam en adresgegevens. Voornamen zijn soms volledig opgenomen en soms zijn alleen voorletters vermeld. Daarnaast kunnen er aantekeningen in staan die de omvang van de bedeling beïnvloeden. Aangegeven is bijvoorbeeld of iemand gebrekkig is of niet. Met name in de delen uit de laatste periode (1851-1870) staat regelmatig vermeld bij welke kerk mensen ingeschreven zijn. Als vervolgens de diaconie van de kerk de bedeling overnam is de vermelding onderstreept. In deze kolom kan ook het stopzetten van de bedeling om andere redenen vermeld zijn, bv. het overlijden van de ingeschrevene of het vertrek uit de stad.
  3. gegevens over eventuele kinderen. Het betreft naam en geboortejaar. Als de kinderen overleden zijn is hun naam doorgestreept.
  4. winterbedeling. Aangetekend is het jaar waarin bedeling is gegeven. In de eerste serie boeken is bij het jaar 1808 (toen de ingeschrevenen van de Oude Zijde werden opgenomen in de boeken van de Nieuwe Zijde) een aantekening gemaakt, vermoedelijk over de omvang van de bedeling. Er staat bijvoorbeeld 1....3 of 2....1. Wat het precies betekent is niet bekend. In boeken uit de latere series kan de kolom onderverdeeld zijn in meerdere rijtjes.
  5. zomerbedeling. Aangetekend is weer het jaar waarin bedeling in de zomer is gegeven.
Zie ook het Voorbeeld.

Hoe komt het dat sommige namen en combinaties van namen meermalen voorkomen?

Na verloop van jaren raakten de inschrijfboeken vol en dan begon men in een nieuw boek. De namen van mensen die nog steeds bedeling ontvingen werden dan overgenomen in het nieuwe boek. Als iemand lang bedeling ontving kan hij dus in meer boeken voorkomen.
Ook komt het voor dat iemand bedeling ontvangt, het daarna een tijdje niet meer nodig heeft maar later weer opnieuw wordt ingeschreven. Het kan ook zo zijn dat een persoon in de ene periode als ingeschrevene voorkomt en in een andere periode voorkomt als partner van een ingeschrevene.

Waarom zijn sommige namen doorgestreept?

Een naam wordt doorgestreept als de bedeling stopgezet wordt, bijvoorbeeld bij overlijden, vertrek uit Amsterdam of wanneer de ingeschrevene het niet meer nodig heeft.

Kunnen zowel mannen als vrouwen bedeling krijgen?

Ja, de inschrijving kan zowel op naam van een man als op naam van een vrouw plaatsvinden. Als een ingeschreven vrouw een partner krijgt wordt zijn naam als relatie bijgeschreven. Er vindt dan geen verandering van de inschrijving op de naam van de man plaats.

Hoe werkt het zoeksysteem?

Begin met het intypen van de achternaam. Terwijl u typt ziet u al hoe groot het zoekresultaat zal zijn. U beslist aan de hand van de omvang van uw zoekresultaat of u na het invullen van de achternaam ook nog een tussenvoegsel of voorletter / voornaam invullen zal. Om de opbrengst te bekijken klikt u op 'Toon resultaat'.

Maak vooral gebruik van wildcards bij het zoeken als u niet zeker bent van de spelling van een naam. U kunt * of ? gebruiken. Een * staat voor nul of meer onbekende letters, een ? voor precies 1 onbekende letter. Twijfelt u bijvoorbeeld tussen 'Aalders' en 'Aalderts' vul dan Aalder*s in. Twijfelt u tussen Borg of Burg vul dan B?rg in. Combinaties zijn ook mogelijk: B*tenb?rg*.

Namen zijn niet gestandaardiseerd, dus er komen zeker spellingsvarianten voor. Voornamen zijn letterlijk overgenomen uit de inschijfboeken. Sommige namen zijn voluit geschreven; soms staat er alleen een voorletter in het boek.

Moet ik kiezen voor een 'rol'?

Nee. Als u niets kiest krijgt u in de opbrengst zowel verwijzingen naar de ingeschrevene als naar de partner van de ingeschrevene, gepresenteerd in alfabetische volgorde. U kiest voor een rol als u in de opbrengst uitsluitend verwijzingen wilt naar hetzij de ingeschrevene, hetzij de partner.

Verder zoeken

In het zoeksysteem van de bibliotheek kunt u op het trefwoord Armenzorg zoeken. U vindt daar titels van een aantal standaardwerken over dit onderwerp en van een aantal detailstudies specifiek over de Amsterdamse situatie. Inzien van boeken en overige publicaties uit onze bibliotheekcollectie kan alleen op de studiezaal van het Stadsarchief. Ook in de inventarissen kunt u archiefmateriaal vinden over armenzorg. Bijvoorbeeld in het Archief van de Evangelisch-Lutherse Gemeente; Diakonie

Laatst bijgewerkt op 14 jan 2016
ZoekVoorbeeldHandleiding
© Stadsarchief
Disclaimer / Colofon
<