Ik wil mijn stamboom uitzoeken, kan ik dan bij u terecht?

Dat kan inderdaad, maar alleen voor zover uw voorouders in Amsterdam hebben gewoond. Verzamel eerst de gegevens over uw ouders, grootouders en misschien ook overgrootouders. Zet alles wat u weet of thuis uit kunt zoeken op papier: hun volledige namen en data van geboorte, huwelijk en overlijden. Met deze gegevens kunt u zoeken in onze online Indexen. In ons Informatiecentrum kunnen wij u wegwijs maken en zoekt u zelf uw stamboom uit. Ook is het raadzaam om eerst de Handleiding Genealogie (2007) uit te printen en te bekijken voordat u langskomt.

Hoe zoek ik een geboorte-, huwelijks- of overlijdensakte?

Op akten van de Burgerlijke Stand zit een openbaarheidsbeperking.

Geboortakten 100 jaar
Huwelijksakten 75 jaar
Overlijdensakten 50 jaar

De akten worden na afloop van het volledige jaar overgebracht naar het Stadsarchief. Bijvoorbeeld: een geboorteakte van 07-02-1919 wordt pas overgebracht in 2020, omdat er gewacht wordt tot de laatste akte van het jaar (31-12-1919) openbaar is geworden. Uw eigen geboorte- en huwelijksakte, of de geboorte-, huwelijks- en overlijdensakte van bepaalde familieleden kunt u aanvragen bij de gemeente Amsterdam.

Om een akte van de burgerlijke stand te zoeken die wel al openbaar is, kunt u het stappenplan per type akte hieronder downloaden:

  • geboorteakte
  • huwelijksakte
  • overlijdensakte

Ik kom uit een joodse familie en wil onderzoek doen naar mijn stamboom. Kunt u mij helpen?

Zeker, mits de familie uit Amsterdam afkomstig is. Joods genealogisch onderzoek is na 1811 niet wezenlijk anders dan genealogisch onderzoek naar niet-joodse mensen, omdat in 1811 de Burgerlijke Stand werd ingevoerd waarbij de registratie van geboorte, huwelijk en overlijden voor iedereen gelijk werd. Maar voor 1811 is joods genealogisch onderzoek een stuk lastiger omdat de bronnen vaak ontbreken en, als het Hoogduitse joden betreft, de stukken in het Hebreeuws zijn en er in de Nederlandse bronnen veelal geen achternamen worden gebruikt.

Het maakt veel verschil voor het onderzoek of het Portugese of Hoogduitse joden betreft. Van Portugese joden, die veelal tot de gegoede burgers behoorden, zijn meer archivalia bewaard en de stukken zijn in het Nederlands of Portugees. Hoogduitse joden, die vanaf de 18e eeuw in Amsterdam in de meerderheid zijn, zijn veelal armer en komen daarom minder in de bronnen voor. Want waarom zou je moeite doen je huwelijk voor de Nederlandse overheid te laten registreren als je nooit met een rechtsgeldig bewijs hoeft aan te tonen met wie je getrouwd bent? Zo’n rechtsgeldig bewijs is bijvoorbeeld nodig om recht op een erfenis te doen gelden, maar als er niets te vererven valt is er ook geen bewijs nodig.

Bronnen met betrekking tot Hoogduitse joden zijn veelal in het Hebreeuws en met de achternamen werd gesjoemeld. Voor de overheid werden namelijk christelijke varianten van joodse namen gebruikt. Zo zullen Zalman, Zelig, Pinchas en Sjlomo toen ze trouwden gezegd hebben dat ze Salomon, of ook Samuel, heetten. Dus 2 christelijke varianten voor 4 joodse namen, die men bovendien willekeurig gebruikte. Bij genealogisch onderzoek is het daarom moeilijk vast te stellen met wie je nu precies te maken hebt als je ‘Abraham, zoon van Salomon’ ziet staan.

Het onderzoek is dus moeilijk, maar ook spannend en er zijn speciale indexen die het onderzoek vergemakkelijken. Deze publicaties zijn allemaal in te zien in het Informatiecentrum van het Stadsarchief in De Vijzelstraat.

Gegevens met betrekking tot geboorte en besnijdenis zijn voor de Portugese joden beter bewaard dan voor de Hoogduitse joden. Toen in 1811 alle kerken hun doopregistraties van de laatste 75 jaar moesten inleveren bij de Burgerlijke Stand, leverden de Portugese joden de registratie van geboorten (dus jongens en meisjes) vanaf 1736 in. De index hierop is te vinden in het Informatiecentrum. Met betrekking tot de Hoogduitse joden is geboorteregistratie vanaf ongeveer 1790 ingeleverd en besnijdenisregistratie vanaf ongeveer 1740. Maar alles met grote hiaten. De publicatie hierover, 'Besnijdenis en geboorte vóór 1811' door Jits van Straten, is beschikbaar in het Informatiecentrum.

Gegevens over alle burgerlijke joodse huwelijken tussen 1598 en 1811 – dat zijn in Amsterdam in deze periode huwelijken voor de Schepenen van Amsterdam - vindt u in de publicatie 'Trouwen in Mokum', samengesteld door Dave Verdooner en Harmen Snel. In totaal betreft dat zo’n 15.000 huwelijken.

Bij een joods huwelijk wordt vaak een huwelijkscontract, Ketuba genaamd, opgesteld. Voor de Hoogduitse joden is er een serie Ketuboth van 1723 tot 1811 met grote hiaten. Een index op deze Ketuboth, gemaakt door Jits van Straten, is ter inzage in het Informatiecentrum. De gegevens uit de Portugese Ketuboth vanaf 1672 zijn te vinden in Registro de Ketuboth, eveneens samengesteld door Dave Verdooner en Harmen Snel. Het betreft ongeveer 3000 contracten vanaf 1672. Deze publicatie is alleen verkrijgbaar bij de Kring voor Joodse Genealogie.

Ten slotte zijn voor genealogisch onderzoek de gegevens over het begraven van belang. Hoogduitse joden zijn begraven in Muiderberg (vanaf 1642, betalende leden, bewaard vanaf 1669) op Zeeburg (vanaf 1713, niet-leden en kinderen) of in Diemen (vanaf eind 19e eeuw) en Portugese joden zijn begraven in Ouderkerk aan de Amstel. In het Stadsarchief bevinden zich de begraafregisters van Muiderberg, Zeeburg en Ouderkerk. De in het Hebreeuws geschreven begraafregisters van Muiderberg (1669-1850) en Zeeburg (1713-1811) zijn vertaald door Jits van Straten. Voor de begraafregisters van Ouderkerk is een verfilmd kaartsysteem te raadplegen op de studiezaal.

De transcriptie van het begrafenisregister van de Portugees-Israëlietische gemeente Talmud Torah te Amsterdam 1639-1648, in 2016 door het Stadsarchief uitgegeven, is hier te downloaden

Voor meer informatie over Joodse Genealogie verwijzen we u graag naar de website van de Kring voor Joodse Genealogie.

Mijn voorouders komen uit Suriname, heeft u daar gegevens over?

De kans daarop is niet zo heel groot. De gegevens uit de periode waarin de meeste mensen uit Suriname naar Amsterdam kwamen, zo vanaf de jaren ’70 uit de vorige eeuw, zijn namelijk nog niet openbaar. Waren uw voorouders al eerder in Amsterdam, dan maakt dat de kans veel groter om gegevens over hen te vinden in het Stadsarchief. De volgende bestanden kunt u raadplegen:

  • Gezinskaarten (1893-1939). U kunt niet zoeken op herkomstgegevens (Paramaribo, Suriname) maar wel op achternaam.
  • Bevolkingsregister (1851-1892). Ook hierin kunt u alleen zoeken op achternaam en niet op herkomstgegevens.
  • Doop-, trouw- en begraafregisters (1553-1811). Met name het zoeken op de doopboeken in de periode 1751-1811 biedt interessante mogelijkheden. Zoeken op termen als ‘slaaf’, ‘neger’, ‘zwarte’, ‘mesties’, ‘Suriname’ in aantekeningen die destijds bij de doop werden gemaakt in de doopboeken kan belangrijke vondsten opleveren.

Zie ook deze inventaris, van op Suriname betrekking hebbende stukken in het Stadsarchief. Daarnaast hebben we ook twee (incomplete) lijsten over Surinaamse plantages en de slavenschepen op weg naar de Amerika's.

Tot slot: kom niet voor niets naar het Stadsarchief Amsterdam. In het stappenplan op de site van de Stichting voor Surinaamse Genealogie wordt uitgelegd hoe u voor het opzetten van een Surinaamse Genealogie in Nederland het beste terecht kunt bij het Nationaal Archief in Den Haag.

Het Nationaal Archief heeft ook verschillende zoekhulpen beschikbaar.

Ik zoek familie die ik uit het oog verloren ben. Kunt u mij helpen?

Het antwoord op deze vraag luidt helaas vaak nee. Via de serie Persoons- en archiefkaarten beschikt het Stadsarchief over informatie over alle mensen die in Amsterdam gehuisvest zijn geweest tot het jaar 1993. Maar uitputtende bronnen van recenter datum zijn bij het Stadsarchief helaas niet aanwezig.

Wel zijn er andere bronnen, maar die betreffen niet de gehele bevolking. Zo is er bijvoorbeeld een complete serie telefoonboeken van Amsterdam. Of uw familieleden hierin voorkomen is dan natuurlijk afhankelijk van de vraag of ze telefoon hadden en, zo ja, of ze ook vermeld stonden. Andere archiefbronnen van de laatste decennia waarin persoonsregistraties voorkomen zijn vaak nog niet openbaar. Gegevens over personen die nog leven mogen uit oogpunt van privacybescherming niet worden verstrekt.

Tot welk jaar heeft u de akten van de burgerlijke stand en het bevolkingsregister?

De wettelijk bepaalde overdrachtstermijnen van de akten van de burgerlijke stand zijn:

  • 100 jaar voor geboorteakten
  • 75 jaar voor huwelijksakten
  • 50 jaar voor overlijdensakten

Ik ben op zoek naar een krant uit het jaar x. Heeft u die ook?

De bibliotheek van het Stadsarchief bezit een uitgebreide collectie kranten vanaf het jaar 1672 (!) tot heden, waaronder de Amsterdamsche Courant (1672-1882) en Algemeen Handelsblad (1828-1970). Deze kranten zijn op Amsterdam georiënteerd, maar daarnaast zijn er ook diverse andere landelijke dagbladen aanwezig.

U kunt kranten, waarvan een deel uit onze collectie, digitaal doorzoek op Delpher

Naast de krantencollectie is er in de bibliotheek van het Stadsarchief een grote verzameling krantenknipsels te vinden. Deze collectie persdocumentatie heeft betrekking op de periode 1840-1997. Hierin zijn alle denkbare - Amsterdamse - onderwerpen terug te vinden, bijvoorbeeld de inhuldigingsrellen van april 1980 of het Congres voor Vrouwenkiesrecht van 1908.

Bestaan er nog oude foto's van mijn huis, bedrijfspand of straat?

Het Stadsarchief verzamelt al 150 jaar afbeeldingen van het Amsterdamse stadsbeeld. Door middel van aankopen, schenkingen en opdrachten aan fotografen is een collectie ontstaan, waarin van bijna ieder stukje Amsterdam wel één of meer foto's te vinden zijn. De vroegste foto's dateren uit het midden van de negentiende eeuw. Door fotografen in eigen dienst worden tot op de dag van vandaag foto's gemaakt van de stad. U kunt deze foto's zoeken in onze Beeldbank.

Bestaan er nog bouwtekeningen van mijn huis, bedrijfspand of straat?

Het Stadsarchief beheert bouwtekening, als ze zijn overgedragen, van panden die gebouwd zijn tót 1905. De tekeningen, ook van verbouw, van na die tijd zijn aan te vragen via de website van Amsterdam (klik op 'Verleende vergunningen aanvragen').

U kunt in het Stadsarchief vele duizenden bouwtekeningen raadplegen, zoals die uit het archief van de Bouw- en Woningdienst. Het betreft hier bouwtekeningen uit de periode 1865-1905, die werden ingediend bij een vergunningaanvraag voor de bouw of verbouwing van een pand. Daarnaast bevat de collectie ook een groot aantal bouwtekeningen die verkregen zijn uit schenkingen en aankopen.

In het Centraal Tekeningen Archief vindt u bouwtekeningen, die gemaakt zijn in opdracht van verschillende gemeentelijke diensten. Het betreft hier tekeningen van scholen, bruggen, kades, metrotunnels, gasfabrieken etc.

Heeft u ook films en geluidsopnamen over Amsterdam?

In 1959 begon het Stadsarchief met het verzamelen van geluidsopnamen. Het betrof in eerste instantie opnamen op magnetofoonband en grammofoonplaten. Korte tijd later werd ook film en video verzameld en zo is de _audiovisuele collectie_ ontstaan. Momenteel beheert het Archief ca. 2800 grammofoonplaten en cd’s, ca. 1500 cassetes en dattapes, ca. 10.000 geluidsbanden (waaronder 6000 banden van het archief van Radio STAD), ca. 2400 films en ca. 2000 videobanden, -cassettes en dvd’s.

Het grootste deel van de collectie kunt u alleen bekijken en/of beluisteren nadat u een afspraak via Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Ik moet voor school een scriptie schrijven over x. Hoe vind ik materiaal?

Over de meeste Amsterdamse scriptie-onderwerpen, die leerlingen van middelbare scholen en studenten van hogere beroepsopleidingen en/of universiteiten bedenken, zijn in het Stadsarchief historische gegevens te vinden.

De start van het onderzoek ligt vrijwel altijd in publicaties die te vinden zijn in de Bibliotheekcollectie. Dat geldt ook voor de zeer uitgebreide, op onderwerp geordende collectie persdocumentatie (1840-1997). In deze collectie vinden veel scriptieschrijvers hun eerste informatie.

Een volgende stap in het onderzoek kan het raadplegen van archiefbronnen zijn. De belangrijkste toegangen daarop zijn de Inventarissen en Indexen.

Naast geschreven bronnen beheert het Stadsarchief ook veel visuele bronnen zoals kaarten, prenten, foto's en affiches. Toegang tot deze collecties biedt de Beeldbank.

Tenslotte zijn er nog de collecties bewegend beeld en geluid. Deze zijn alleen op afspraak te raadplegen.

Ik hoorde dat er in de Tweede Wereldoorlog bij ons in de buurt een bom is gevallen. Kan ik uitzoeken wat er precies gebeurd is?

Het is niet moeilijk na te gaan waar bommen zijn gevallen in Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. Als er een bom viel, of op een andere manier oorlogsschade ontstond kwam de gemeentelijke luchtbeschermingsdienst naar de plaats des onheils om hulp te bieden. Een rapportje over de zaak werd door het hoofd van de dienst doorgestuurd naar de burgemeester en later naar de gemeentearchivaris. Deze rapportjes worden nu bewaard in de bibliotheek van het Stadsarchief. Op basis van de rapportjes van de luchtbeschermingsdienst en de jaarlijkse kroniek van het tijdschrift Amstelodamum is een lijst samengesteld waarin de belangrijkste bominslagen en andere oorlogsincidenten op datum en adres staan opgesomd. De lijst omvat meer dan 400 incidenten. Maar let op de lijst is zeker niet volledig! Deze lijst kunt u . De lijst omvat meer dan 400 incidenten. Maar let op de lijst is zeker niet volledig!

Nader archiefonderzoek levert nog veel meer informatie op. Die informatie vindt u door het raadplegen van de meldingsrapporten uit het Politiearchief en van de dossiers uit het archief van de Luchtbeschermingsdienst

Via de website van Amsterdam is er een digitale bommenkaart beschikbaar, met gegevens over oorlogshandelingen (waaronder bombardementen) op het tegenwoordige grondgebied van Amsterdam. De basis voor die kaart was o.a. dit overzicht.

Is er een lijst beschikbaar van alle februaristakers?

Begin 1941 nam de Jodenvervolging in Amsterdam steeds grotere proporties aan. Onder de Amsterdammers groeide de verontwaardiging over het optreden van de Duitse bezetter.  De eerste razzia’s waarbij 427 joodse mannen werden opgepakt waren voor Amsterdam de druppel die de emmer deed overlopen. Op 25 en 26 februari 1941 werd gestaakt. De Februaristaking was het enige massale, openlijke protest tegen de Jodenvervolging in Europa.

Het waren stratenmakers, vuilnismannen en trambestuurders die het voortouw namen bij de staking. Medewerkers van het energiebedrijf, de waterleiding, Publieke Werken, de gemeentelijke was-, schoonmaak-, bad- en zweminrichting en andere gemeentebedrijven volgden. In totaal zijn er minstens 4.400 ambtenaren en werklieden van de gemeente Amsterdam de straat op gegaan.

Deze lijst is gebaseerd op de rapporten met namen van ambtenaren en werklieden die zijn opgesteld om uitvoering te geven aan het besluit van 15 mei 1941 van de Regeringscommissaris van Amsterdam. Middels dit  besluit kregen de directeuren opdracht de stakers te straffen met ontslag of korting op het salaris. De rapporten maken deel uit van het Archief van de afdeling Arbeidszaken.

Waar vind ik de bibliotheekcollectie?

Archief 15030 is onze bibliotheekcollectie. Deze kunt u doorzoeken via de Inventarissen.