Spaarndammerdijk

nr. 005054000044 Een oorkonde uit 1544 over de verdeling van de kosten voor het onderhoud van de Spaarndammerdijk tussen de dorpen aan de dijk en het hoogheemraadschap Rijnland.

Overeenkomst

De Spaarndammerdijk liep van Amsterdam naar Haarlem, Spaarndam, en verder. De dijk beschermde het achterliggende land sinds de dertiende eeuw tegen het water van het IJ. De Spaarndammerdijk was ook een belangrijke verkeersader. In de eerste helft van de zestiende eeuw was er onenigheid tussen de dorpen langs de Spaarndammerdijk en het hoogheemraadschap Rijnland, waar de dorpen onder vielen, over de kosten van het onderhoud van de dijk. Op 9 april 1544 kwam voor notaris Dirck Woutersz deze overeenkomst tot stand tussen het hoogheemraadschap en de dorpen Sloten, Sloterdijk, Osdorp, Houtrijk, Polanen, de Gheer, ’t Hofambacht en Spaarnwoude.

De spade erin

Aan het begin van de zestiende eeuw brak de Spaarndammerdijk een paar keer door. De bewoners van de dorpen die aan de dijk lagen waren eigenlijk verantwoordelijk voor het onderhoud. Maar voor de inwoners van dorpen als Sloten, Sloterdijk en Osdorp waren de herstelwerkzaamheden onbetaalbaar. Zij gaven het op. Dat heet spadesteking: ze staken heel letterlijk de spade er maar in. In deze oorkonde werd opgetekend dat de kosten voor het onderhoud van de bolwerken in de dijk tussen Amsterdam en Spaarndam en van de delen die door spadesteking waren verlaten – bij elkaar al zo’n tweeënhalve kilometer – zouden worden omgeslagen over het hele hoogheemraadschap.

Morgen morgens gelijk

De rest van de dijk moesten de dorpsbewoners na 1544 nog wel gewoon onderhouden. Pas vanaf 1593 werden de kosten voor het onderhoud van de dijk definitief over het hele hoogheemraadschap omgeslagen, ‘morgen morgens gelijk’, wat wil zeggen dat elk ambacht naar vermogen betaalde.

Transfix over het onderhoud van de Spaarndammerdijk, 1544


© Stadsarchief
Disclaimer / Colofon
<