Valse voorouders

nr. 005001000332_001 In 1942 en 1943 deden vele honderden joden onderzoek in het toenmalige Gemeentearchief — nu het Stadsarchief — in de hoop een niet-Joodse voorouder te vinden. Wanneer iemand met originele documenten kon aantonen dat hij of zij afstamde van een niet-Joodse voorouder kon daarmee transport naar een concentratiekamp worden voorkomen. Die voorouder moest dan te boek staan als behorend tot een ander kerkgenootschap, bijvoorbeeld in de registers van de burgerlijke stand of in de kerkelijke doop-, trouw-, of begraafregisters.

Sterrenwacht

Voorjaar 1942 klaagde een NSB-er over de aanwezigheid van joden in de studiezaal van het archief. Met een beroep op de wettelijke openbaarheid van archieven wist de gemeentearchivaris gedaan te krijgen dat er geen bord ‘verboden voor joden’ op de voordeur hoefde, maar het leek hem wel beter de joodse bezoekers voortaan hun onderzoek te laten verrichten een aparte ruimte. Deze speciaal voor joden ingerichte leeszaal kreeg de bijnaam de Sterrenwacht.

Fout of vals?

Sommige onderzoekers vonden inderdaad niet-Joodse voorouders. Anderen hadden het geluk dat bij de inschrijving fouten waren gemaakt. Zoals de nazaten van Mordegai Salom del Valle die bij zijn ondertrouw op 1 augustus 1783 per ongeluk als gereformeerd was ingeschreven. Soms ook nam iemand stiekem een register mee, vervalste een inschrijving, bracht het terug en vroeg vervolgens een gewaarmerkte kopie van die inschrijving.

Henna Andries

Dankzij een bijzonder knappe vervalsing kreeg de joodse Henna Andries uit Dordrecht een paar rooms-katholieke ouders in Amsterdam. Zij staat ingeschreven in het doopregister van de rooms-katholieke kerk De Toren op 9 december 1755 als dochter van Gerrit Andries en Cornelia van Santen. Blijkens hetzelfde register is haar broertje Petrus precies negen maanden ouder, en haar zusje Hendrina slechts zes maanden jonger.

Bernardus en Nicolaas

Om te oefenen op papier en inkt veranderde de vervalser de voornaam twee doopinschrijvingen eerder. Hermanus Horstok heette eigenlijk Bernardus Horstok. De inschrijving van Nicolaas Wolters, onder die van Henna, is een complete vervalsing. De bij deze inschrijving genoemde personen zijn in geen enkel ander register terug te vinden. Deze inschrijving diende alleen ter camouflage.

C.J. Ledden Hulsebosch

Deze fraaie vervalsing is toegeschreven aan de bekende politiescheikundige Christiaan Johannes van Ledden Hulsebosch (1877-1952). Hij had een laboratorium voor wetenschappelijk politieonderzoek aan de Nieuwendijk en was bekend omdat hij geruchtmakende moordzaken wist op te lossen dankzij chemisch onderzoek.

Blauwe vlekken

Het hoofd van de racistische Centrale Dienst voor Sibbekunde, de SS-er L. ten Cate, ontdekte de vervalsingspraktijken in Amsterdam. Hij nam in juni 1944 het doopboek van De Toren als corpus delicti in beslag en liet een chemisch onderzoek instellen om de vervalsing te bewijzen. Bij dit onderzoek zijn de blauwe vlekken ontstaan die nu nog te zien zijn.

Gered

De nazaat van Henna Andries en haar man Naphtalie de Rosa, voor wie de vervalsing was gepleegd, werd onmiddellijk gewaarschuwd en dook onder. Hij heeft de bezetting overleefd. Twee maanden later was het Dolle Dinsdag. Ten Cate zette zijn onderzoek stop en nam de benen. Het Gemeentearchief heeft het doopboek later gelukkig terug gekregen.

Vervalsing in het doopregister van schuilkerk De Toren, 9 december 1755


© Stadsarchief
Disclaimer / Colofon
<