Wagener Stadion

nr. image In 1938 werd het hockeystadion in het Amsterdamse Bos in gebruik genomen, het huidige Wagener Stadion. Precies in dat jaar vierde de Hockeybond het veertigjarige bestaan, ook nog eens opgeluisterd met de koninklijke eretitel.

Boschplan

De eerste keer dat over hockeyvelden werd gesproken in het Boschplan – zoals het toen nog heette — was in 1932 in Het Algemeen Handelsblad: ‘De georganiseerde sport worde bevorderd door het aanleggen van voetbal-, korfbal-, hockey-, cricket- en tennisterreinen.’ Vijf jaar later volgde het besluit om een hockeystadion te bouwen.

Prestigieus

Het budget was 342.000 gulden – in onze tijd ongeveer 3,2 miljoen euro. Te vergelijking: het Ajax-stadion De Meer uit 1934 kostte honderdduizend gulden minder. Net als de aanleg van het Bos was de bouw van het hockeystadion een werkverschaffingsproject waarmee 37 mensen een half jaar aan het werk werden gezet. De originele bouwtekeningen zijn te vinden in het archief van de Dienst der Publieke Werken.

Sportstad

Amsterdam was bijzonder trots op het nieuwe onderkomen. In slechts tien jaar was de stad spectaculair veranderd, sinds de ingebruikname van het Olympisch Stadion van 1928 tot en met het Amsterdamse Bos met het hockeystadion én de Bosbaan. Dat hele gebied leek inmiddels wel een sportstad op zichzelf, meende tijdschrift Sport in Beeld, ‘zóó grootsch van opzet als er nauwelijks in Europa een tweede te vinden zal zijn.’

Wagener

Joop Wagener (1881-1945) speelde een doorslaggevende rol als clubvoorzitter van de Amsterdamsche Hockey- en Bandy Club. Na zijn dood werd het hockeystadion naar hem vernoemd.

Deze bouwtekeningen bevinden zich in archief 5213 onder voorlopig nummer 24968
Bouwtekeningen van het Wagener Stadion, 1937

© Stadsarchief
Disclaimer / Colofon
<