Cholera

nr. 015030000034_001 Op 27 september 1894 plaatste L. van den Berg een overlijdensadvertentie voor zijn gezin. Zijn vrouw en vijf kinderen waren overleden aan de cholera. Zijn echtgenote was nog geen 44 jaar oud. De kinderen waren drie meisjes en twee jongens, in leeftijd variërend van twee tot elf jaar.

Epidemieën

Amsterdam kende tussen 1832 en 1867 vier grote cholera-epidemieën. Vooral de tweede epidemie, in de jaren 1847 en 1848, was erg hevig. Zo’n 2300 Amsterdammers vonden toen de dood. Ook de twee laatste epidemieën eisten in Amsterdam elk nog zo’n elfhonderd doden. Later deden zich af en toe nog kleinere epidemieën voor.

Ziektebeeld

De cholerapatiënt kreeg heftige krampen en diarree en moest braken. Daardoor verloor hij in korte tijd heel veel vocht. Zijn gezicht viel in; zijn ogen puilden uit en de huid werd bleekblauw. De dood volgde vaak al enkele uren nadat de eerste symptomen van de ziekte zich openbaarden. Zo’n veertig procent van alle zieken overleed.

Remedie

De hygiëne in vooral de arme buurten van Amsterdam was jammerlijk. Men vermoedde een relatie tussen de ‘kwalijke dampen’ van de smerige grachten en het vuil, maar waardoor cholera precies veroorzaakt werd was onbekend. Choleralijders werden geïsoleerd en behandeld met medicijnen, stortbaden, pappen, aderlatingen en bloedzuigers. Later begon het gemeentebestuur de hygiëne te verbeteren met de aanleg van waterleiding en riolering.

Gemeentelijke Gezondheidsdienst

Pas tegen het eind van de negentiende eeuw begon het stadsbestuur met het schoonmaken van de stad. In 1893 werden alle gemeentelijke activiteiten op het gebied van de openbare hygiëne ondergebracht bij de Gemeentelijke Gezondheidsdienst, die besmettelijke ziekten moest tegengaan. Voor het gezin Van den Berg kwam het te laat.

Deze advertentie bevindt zich in de collectie klein materiaal onder nummer: 15009/12035
Overlijdensbericht van een vrouw en haar kinderen, 27 september 1894

© Stadsarchief
Disclaimer / Colofon
<