Mesties

nr. image In de zeventiende eeuw werden kinderen van gemengd Aziatisch-Europese herkomst ‘mixties’ of ‘mesties’ genoemd. Die term, met name gebruikt door VOC-bestuurders, kwam van het Portugese woord mestiço.

Stadsbevolking

Het ging om kinderen van inheemse moeders die door de Europese vader waren gewettigd. In 1699 woonden in de binnenstad en voorsteden van Batavia (Djakarta) 670 mestiezen, naast 1783 Europeanen, 2407 vrijgelaten en gekerstende slaven en 3679 Chinezen. Ongeveer de helft van de stadsbevolking bestond uit slaven.

Keurvorst van Trier

Hoeveel mestiezen de lange oversteek naar Holland maakten, is onbekend. In de zomer van 1691 was een uit een Europese vader en een Aziatische moeder geboren man uit Batavia in Amsterdam. Hij logeerde in de Keurvorst van Trier, een herberg in de Krommelleboogsteeg. Uit deze notariële akte blijkt dat de mesties zich ‘Jan van Dort’ noemde, maar dat was vermoedelijk een schuilnaam. Twee andere herberggasten legden belastende verklaringen tegen hem af, omdat Van Dort de waard zou hebben bestolen. Bij zijn vertrek uit de herberg had hij contant geld, twee gouden ringen, een gouden knoop, een zilveren tandenstoker en ander zilverwerk meegenomen, aldus de getuigen.

Porseleinkelder

De waard stuurde de twee gasten op zoek naar de voortvluchtige Van Dort. In de morgenstond troffen zij hem aan in de Porseleinkelder, een berucht bordeel bij de Eenhoornsluis. Van Dort was daar in het gezelschap van een vrouwspersoon en droeg twee ringen aan zijn hand. Hij bekende de kostbaarheden te hebben gestolen, maar betuigde spijt en zou het geld terugbrengen aan de waard. Plotseling verscheen er echter een ‘deerne’ uit de kelder die hem met kracht wist te ontzetten.

Verklaring tegen Jan van Dort in verband met diefstal, 24 juli 1691

© Stadsarchief
Disclaimer / Colofon
<