30716: Archief van de Amsterdamse Planologische Commissie

Algemene kenmerken

Toegangsnummer:

30716

Periode:

1990 - 2000

Inleiding

Deze inleiding is geschreven voor de archieven van de Amsterdamse Planologische Commissie, 1980-1989 (toegangsnummer 30660) en 1990-2000 (toegangsnummer 30716).

De Amsterdamse Planologische Commissie

Reeds in 1984 vond er overleg plaats tussen de gemeente Amsterdam en de provincie Noord-Holland met als doel voorstellen te ontwikkelen voor het vergroten van de beleidsruimte van de stad Amsterdam ten opzichte van het provinciaal bestuur. Specifieke grootstedelijke problemen en de binnengemeentelijke decentralisatie, waarmee men het bestuur dichter bij de burger wilde brengen, deden deze behoefte aan beleidsvrijheid toenemen. Op 4 maart 1987 werd daartoe een gemeenschappelijke regeling met het provinciaal bestuur vastgesteld inzake de versterking van de bestuurlijke positie van de gemeente Amsterdam (gemeenteblad 1987, afd. 2 nr. 470 blz. 953) en goedgekeurd bij Koninklijk Besluit van 29 januari 1990. Deze gemeenschappelijke regeling werd op 22 maart 1990 gewijzigd (gemeenteblad afd. 3 nr. 93). Onderdeel van deze wijziging was de instelling van een Amsterdamse Planologische Commissie (hierna APC), als subcommissie van de Provinciale Planologische Commissie (PPC). Laatstgenoemde provinciale commissie had onder meer tot taak Gedeputeerde Staten (GS) van Noord-Holland over de goedkeuring van gemeentelijke bestemmingsplannen te adviseren. De APC zou als subcommissie van de PPC moeten adviseren inzake de goedkeuring van Amsterdamse bestemmingsplannen, stadsvernieuwingsplannen en leefmilieuverordeningen van de stadsdelen. Daarnaast zou deze commissie de advisering inzake het structuurplan en de structuurplanafwijkingen op zich nemen.

De APC adviseerde formeel gesproken aan Gedeputeerde Staten van Noord-Holland, maar door tussenkomst van Burgemeester en Wethouders van Amsterdam. Het voorzitterschap berustte bij de Wethouder Ruimtelijke Ordening. Het secretariaat, waarin het opstellen van de adviezen was begrepen, berustte aanvankelijk bij de gemeentesecretarie, vanaf 1997 bij de Dienst Ruimtelijke Ordening.

Binnen deze dienst functioneerde de werkgroep “Toets” voor de ambtelijke voorbereiding van de advisering van de APC. In deze werkgroep waren de verschillende teams waaruit de Dienst Ruimtelijke Ordening bestond vertegenwoordigd; Structuur, Stad en Regio, Juridische Zaken, Wonen, Voorzieningen en Milieu. In 2000 kwam daar ook het team Openbare Ruimte, Groen en Stadsecologie bij. Toets werd voorgezeten door de adjunct-directeur van de dienst.

De APC kwam ongeveer één keer per twee maanden bijeen. De vergaderingen bestonden uit de voorzitter, dus in de persoon van de Wethouder Ruimtelijke Ordening van de gemeente Amsterdam en vertegenwoordigers van de provincie Noord-Holland, de Inspectie Ruimtelijke Ordening (tevens als vertegenwoordiger van de Inspectie Volkshuisvesting en Volksgezondheid), de Rijksconsulent Economische Zaken, de Rijksdienst Monumentenzorg, de Amsterdamse Raad voor de Stadsontwikkeling, het ministerie van Defensie, directie West-Nederland, de directeur van de Dienst Ruimtelijke Ordening en de secretaris. Daarnaast konden er vertegenwoordigers van andere organisaties uitgenodigd worden, bijvoorbeeld van stadsdelen en waterschappen.

In de gemeenschappelijke regeling was de adviesprocedure van de commissie vastgelegd.De APC hield zich niet bezig met de bestemmingsplannen van de centrale stad en met de inpassing van het structuurplan in het streekplan.Bestemmings- en stadsvernieuwingsplannen over de jaren 1980 tot en met 1989 stammen van vóór de oprichting van de commissie. Deze zaten in het archief omdat men latere bestemmingsplannen uiteraard in hun context wilde bestuderen en beoordelen. Hoogstwaarschijnlijk zijn ze afkomstig van de afdeling Stedelijke Ontwikkeling, sector Ruimtelijke Ordening, Infrastructuur en Beheer en van de Dienst Ruimtelijke Ordening, misschien ook via de stadsdelen. Besloten is om ze integraal in het archief van de APC te bewaren.

Verantwoording van de inventarisatie

De bestemmingsplannen die zich in de archieven van de commissie bevonden zijn geïnventariseerd. Ze zijn alfabetisch op naam geordend. Daarnaast bevatte het archief drie dossiers over de oprichting van de commissie en de context daarvan.

De totale afmeting van het archief bedraagt 2,67 strekkende meter van vóór 1990 (toegangsnummer 30660) en 15,75 strekkende meter van daarna (toegangsnummer 30716). Er is niets vernietigd.

Archief 30716 bestaat uit de inventarisnummers 1 t/m 523. De volgende inventarisnummers bestaan om diverse redenen niet meer: 292, 303 en 416.

Toelichting op de inventaris

De inventaris bevat een opsomming van beschrijvingen van de aanwezige archiefbescheiden (stukken, series, dossiers) volgens rubriek, daarbinnen volgens subrubriek en vervolgens chronologisch. Elke beschrijving verwijst naar het archiefnummer, waar onder het stuk of de stukken in de dozen terug te vinden zijn.

Archiefvormer

Amsterdamse Planologische Commissie
© Stadsarchief
Disclaimer / Colofon
<

Gegevens over mogelijk nog levende personen mogen alleen worden gebruikt voor historisch (waaronder genealogisch), wetenschappelijk of statistisch onderzoek.

Door het aanklikken van onderstaande button verklaart u zich te houden aan het Reglement voor raadpleging en gebruik van het Stadsarchief.