10019: Collectie Jacob Olie Jbz.

Algemene kenmerken

Toegangsnummer:

10019

Periode:

1860 - 1927

Inleiding

De archiefvormer

Jacob Olie Jbz. (1834-1905), Amsterdams belangrijkste amateurfotograaf, heeft in de tweede helft van de negentiende eeuw het stadsleven in duizenden foto's vastgelegd. Olie was opgeleid als bouwkundige bij architect H. Hana. In 1864 behaalde hij bovendien de akte MO-tekenen. Door toedoen van de architect J.H. Leliman was Olie van het begin af aan als onderwijzer betrokken bij de Ambachtsschool van de Maatschappij voor den Werkenden Stand in Amsterdam, van 1868 tot 1890 als directeur.

Omstreeks 1860 begon Olie te fotograferen, in de toen nog zeer bewerkelijke techniek van natte collodiumplaten. Dit procédé vereist dat de platen kort voor de belichting worden gegoten en snel erna worden ontwikkeld. Daarom heeft Olie in deze periode vooral portretten en foto's in zijn directe woonomgeving, de Zandhoek, gemaakt. Deze experimenten voerde hij uit, toen slechts weinigen zich eraan waagden. In Amsterdam is er uit deze tijd alleen het werk bekend van E.I. Asser in het Rijksmuseum, en van J.A. van Eijk in particulier bezit. In Nederland zijn, op enkele incidentele negatieven na, geen archieven uit het 'collodiumtijdperk' bewaard gebleven.

Het archief

Deze omvat ruim 7500 negatieven en afdrukken uit Olies twee actieve perioden als fotograaf: 1861-1864 en 1890-1904. De foto's bieden een ongekend rijk beeld van de veranderingen die zich in die periode in de stad voltrokken.

De collectie is via twee aankopen door het Gemeentearchief verworven: in 1959 circa 3500 negatieven en in 1990 bijna 4000 originele afdrukken en een twintigtal albums met foto's en tekeningen. Behalve foto's omvat het archief ongeveer 800 tekeningen, enkele tientallen prenten en een groot aantal archiefstukken. De tekeningen en prenten bestaan voor een deel uit bouwkundige ontwerpen van Olie zelf, merendeels gemaakt naar aanleiding van prijsvragen (circa 90 stuks), uit ontwerpen voor kunstnijverheid, meestal bedoeld om uit te voeren door leerlingen van de Ambachtsschool (circa 150 stuks) en uit ongeveer 60 stadsgezichten en opmetingen in Amsterdam, Gorinchem, Kleef, Nijmegen en andere plaatsen. Olie heeft die vooral vervaardigd in de periode dat hij niet fotografeerde, 1865-1889. Omdat een deel van de bebouwing inmiddels is verdwenen, hebben zij ook architectuurhistorische waarde.

Daarnaast omvat het archief ruim 90 studiebladen naar antieke beelden en gipsafgietsels, 50 - merendeels achttiende-eeuwse - studies naar naaktmodel, vijftien naar gekleed model, getekende stillevens, perspectiefstudies en diverse, meest Franse, ornamentprenten. Veel van dit grotendeels anonieme materiaal houdt verband met het tekenonderwijs van Jacob Olie en zijn vrouw C.A. Blössmann (1852-1886). Tot slot zijn er 15 autochrooms (kleurendia's) van de hand van Jacob Olie jr. met onder andere interieuropnamen van het huis Zandhoek 10, gemaakt tussen 1907 en 1910.

Het fotomateriaal is toegankelijk via de Beeldbank van het Gemeentearchief. In 2000 verscheen 'Jacob Olie Jbz [1834-1905] Monografieën van Nederlandse fotografen 10" geschreven door Anneke van Veen.

Archiefvormer

Olie, Jacob (1834-1905)
© Stadsarchief
Disclaimer / Colofon
<

Gegevens over mogelijk nog levende personen mogen alleen worden gebruikt voor historisch (waaronder genealogisch), wetenschappelijk of statistisch onderzoek.

Door het aanklikken van onderstaande button verklaart u zich te houden aan het Reglement voor raadpleging en gebruik van het Stadsarchief.